Roos van Leary

leary-1

Elk gedrag lokt gedrag uit. Iedereen reageert voortdurend op elkaar. De een zegt: ‘Hou daar nou eens mee op!’ de ander kruipt in zijn schulp. Timothy Leary heeft uitgebreid onderzoek gedaan of er patronen in zijn te ontdekken in hoe mensen op elkaar reageren. Hij vond uiteindelijk twee eenvoudige principes (zie afbeelding) die hij vorm gaf in de ‘Roos van Leary':

Kopieer principe (symmetrisch): Tegen gedrag roept tegen gedrag op, samen gedrag roept samen gedrag op. Aanvullend principe (complementair): leidend gedrag lokt volgend gedrag uit, en volgend gedrag lokt leidend gedrag uit. Dit zijn dus communicerende vaten: geen leider zonder volger, geen volger zonder leider. In termen van Leary: boven-gedrag roept onder-gedrag op en onder-gedrag roept boven-gedrag op.

De combinaties tussen deze twee assen leiden tot de vier hoofdrollen:

  • Leidingnemend
  • Aanpassend
  • Defensief
  • Aanvallend

leary-2

Deze indeling gaat over de patronen die op te merken zijn tussen mensen. De interactie dus. Het is niet bedoeld als een indeling in persoonstypen. De kracht van dit model is juist dat het inzicht geeft in het positief kunnen beïnvloeden van het gedrag van de ander, zodat de samenwerking kan verbeteren. Kopieer principe: op de horizontale as zien we het kopieer principe: samen-gedrag lokt samen-gedrag uit en tegen-gedrag lokt tegen-gedrag uit. Tegen-gedrag is assertief gedrag gericht op eigen belang, samen-gedrag is coöperatief gedrag gericht op andermans of het gezamenlijk belang. Het kopieer principe illustreert waarom we bij beïnvloeding- en conflicthanteringsstijlen niet primair naar assertief gedrag of duw-stijlen moeten grijpen: het wekt eveneens assertief gedrag op waardoor conflicten verharden of mensen afhaken.

Aanvullend principe: teveel ‘leiden’ leidt ertoe dat mensen achterover gaan zitten. Oftewel bovengedrag roept ondergedrag op en andersom. Dit principe is voor leidinggevende vooral belangrijk om mensen in beweging te krijgen. Teveel initiëren en beïnvloeden leidt tot een passief en afhankelijk team. In de onderstaande figuur is de ‘roos’ in volle omvang weergegeven. In de loop der tijd is een verfijning aangebracht in de kwadranten, waarbij acht gedrags- of invloedstijlen zijn gedefinieerd.

  • De boven-gedragspatronen zijn: actief, initiërend, beïnvloedend, beheersend.
  • De onder-gedragspatronen zijn: passief, afhankelijk, onderdanig, conformerend.
  • De samen-gedragspatronen zijn: toegankelijk, sympathiek, meewerkend.
  • De tegen-gedragspatronen zijn: ontoegankelijk, wantrouwend, intolerant.

Effectief samenwerken, leidinggeven of leiding krijgen, begint met het herkennen van deze patronen bij jezelf en bij je collega’s/leidinggevende. Effectieve beïnvloeding of conflicthantering vraagt er soms om gedragspatronen om te draaien. Dus om minder dominant te acteren of juist meer samen-gedrag te vertonen en daarmee het gedrag van de medewerkers te beïnvloeden. Dit kan je bewust doen. In elke situatie weer. Je kunt je gedrag in deze heel flexibel inzetten.